Vreemde vogel

10 mei 2020

De lente is altijd een mooie tijd. De natuur ontwaakt en de vogels zingen hun hoogste lied. Het lijkt wel of er veel meer vogels in de weer zijn. Of het nu ook met de corona-maatregelen te maken heeft, weet ik niet, maar het is werkelijk een gefluit en getjilp van vanjewelste. En toen ik laatst wat voor me uit zat te staren, zat er een vogel in mijn tuin die ik nog nooit had gezien - of ik had hem nog nooit opgemerkt, dat zou ook zomaar kunnen - . Hij was bijzonder mooi: donkerrood bij zijn staart en op zijn kopje had hij ook wat roodachtigs.

Dus kwam het vogelboek tevoorschijn. Dat had ik gekregen bij mijn afscheid van Lelystad, dat was in 2005. Dus alweer eventjes geleden. De voorzitter van de Algemene Kerkenraad zei in zijn toespraak dat ook in de kerk geldt dat ieder vogeltje zingt zoals het gebekt is. Nou, dat had ik daar wel ervaren. We waren als orthodoxe gemeente een minderheid in een grote - veel modernere - protestantse gemeente. We ontmoeten elkaar met enige regelmaat in de Algemene Kerkenraad. Vogels van allerlei pluimage kwamen samen om met elkaar te vergaderen. Dat gaf het nodige gekwetter. Er zaten vreemde vogels tussen. Die voorzitter had het treffend verwoord en een mooi cadeau uitgekozen: Het grote vogelboek.

Ik dacht niet dat het me veel zou helpen bij mijn werk, dus ging het boek ging de kast in. Langzaam maar zeker raakte het in de vergetelheid, totdat die vreemde vogel in mijn tuin was geland.

Ik blies het stof van het boek en probeerde het beestje te determineren (zo noemen vogelkenners dat, geloof ik). Je probeert het beestje te vangen in onze namen en indelingen. Dat willen we namelijk zo graag. Maar ik kwam er niet goed uit.

Gelukkig zijn er mensen binnen onze gemeente die daar veel meer kaas van hebben gegeten. Al snel werd duidelijk dat het om de grote bonte specht ging. Heel bijzonder dacht ik. Maar toen ik dit blijde nieuws wereldkundig maakte binnen mijn vriendenkring, ontving ik al gauw een filmpje en een foto van een zelfde beestje in hun tuin. Helemaal niet zo bijzonder dus. Ik had het gewoon nog nooit opgemerkt blijkbaar.

Zo kan het gaan dus. En zo gaat het vaak ook. Door de drukte en de hectiek razen en racen we aan alles en iedereen voorbij. De schoonheid van de natuur, de medemens, de bedelaar, de weduwe. We rennen, vliegen, haasten en we gaan altijd maar door.

Totdat.

Zoals nu.

Ja het is bepaald niet leuk en vooral verschrikkelijk voor hen die het treft. Maar nu we met de gevolgen van de crisis te maken hebben, zou ik zeggen: Doe je ogen eens open en kijk! Er is zoveel waar we normaal niet op letten.

Want er zijn altijd eenzame bejaarden geweest, maar we zagen ze niet.
Er zijn altijd ernstig zieke mensen geweest, maar het was ver van ons bed.
Er is altijd gebrokenheid geweest, maar we waren druk bezig met groei en vooruitgang.
Er zijn altijd mooie vogels geweest, maar we keken Netflix.

Door al dat gekwetter in mijn tuin, heb ik eigenlijk geen wekker meer nodig. Het vrolijke getsjilp wekt me iedere morgen.

En vooral op zondagmorgen is dat een geweldige belevenis. Wanneer ik de deur openzet en begroet wordt door een orkest aan vogels, ben ik geneigd te zeggen: "Goedemorgen heren en dames, theologen!" Luther moet dat ooit gezegd hebben. En daarmee bedoelde hij dat de vogels de mens voorgingen in de lof aan God (zie Psalm 148). Daarin zijn zij de ware theologen. Dus dank je wel grote bonte specht, dat je me daaraan weer herinnerd hebt.

Hoe goed is het om onze God te loven. In goede tijden en in slechte tijden.


Meer informatie:
ds. G.C. Bergshoeff
033-277 13 77
dsb@hervormdscherpenzeel.nl

Terug naar het nieuwsoverzicht